Hoe ik stopte met meten en begon met kijken. En waarom dat het enige was dat bleef werken.
We horen het al ons hele leven. Minder eten, meer bewegen. Ik heb het gedaan. Misschien jij ook. En toch bewoog de weegschaal de verkeerde kant op — of hij bewoog even goed, en kwam alles daarna terug. Elke keer iets meer dan ervoor.
Wat voor velen niet werkt: minder eten, meer bewegen — en tóch kom je aan.
Het probleem is niet dat je niet wéét wat je moet doen. Iedereen weet dat. Het probleem is dat het op een gegeven moment niet meer vol te houden is. Discipline werkt — tot je moe bent. Daarna heb je iets anders nodig.
Ik woog 122 kilo. Ik dacht: dat valt wel mee. Tot ik meeging naar een proefles bij een oude voetbalmaat van me — inmiddels personal trainer. Hij zette me op de weegschaal. Ik keek naar het getal en hij keek naar mij.
Dat was het. Geen preek, geen schema. Gewoon die ene zin. En het rare was: ik schaamde me niet voor hém. Ik schaamde me omdat hij gelijk had.
Ik ben geen diëtist. Geen coach. Gewoon iemand van in de dertig die alles al had geprobeerd — de shakes, de calorie-apps, de afslankpillen, noem het maar op. Ik viel af. Drie keer zelfs. En elke keer kwam het terug, zwaarder dan ervoor.
Wat ik allemaal probeerde: shakes · calorieën tellen · afslankpillen · streng regime. Even goed. Nooit blijvend.
Twee dingen veranderden. Niet wát ik at — hoe ik at. Ik stopte met meten en begon met kijken. Mijn hand werd de maat: een palm, een vuist, een handvol, een duim. Geen weegschaal, geen app, niets van dat. En ik stopte met perfectie, en begon met doorgaan — ook op de dagen dat ik geen zin had.
Eenentwintig dagen lang schreef ik op wat werkte en wat niet. Wat ik op dag 14 zou willen weten dat ik op dag 1 al wist. Dat werd De 122 Methode. Ik ben nu meer dan 20 kilo lichter — en ik denk er niet eens meer over na.
Individuele resultaten kunnen variëren. De 122 Methode is een gedragsprogramma en vervangt geen medisch advies — raadpleeg bij twijfel of gezondheidsklachten eerst je huisarts.